En wat je lichaam je, misschien al langere tijd, probeert duidelijk te maken.
Misschien herken je dit.
Je merkt dat je ergens last van krijgt en vrijwel automatisch ga je op zoek naar iets dat verlichting geeft. Hoofdpijn? Dan neem je iets. Spanning in je lijf? Dan maak je een afspraak. Vermoeid of leeg? Nog even doorzetten, het komt later wel. Buikklachten? Je past je voeding aan. Overprikkeld? Even weg, even afstand, dan wordt het vast rustiger vanbinnen.
Dat is niet vreemd. Zo hebben we geleerd om met klachten om te gaan: we lossen ze op, dempen ze, maken ze hanteerbaar, zodat we verder kunnen met wat er van ons gevraagd wordt. En vaak werkt dat ook. Het geeft ruimte. Adem. Het gevoel dat je je lichaam weer even onder controle hebt.
Totdat je merkt dat dezelfde klachten terugkomen. Niet altijd meteen, soms pas weken of maanden later. Soms zachtjes, soms zo duidelijk dat je er niet meer omheen kunt. Dan kan het voelen alsof je lichaam je in de steek laat. Alsof er iets niet klopt. Alsof je tekortschiet.
Maar wat als dat niet zo is? Wat als je klachten geen teken zijn dat er iets mis is, maar een signaal dat er iets gezien of gehoord wil worden?
Waarom verlichting vaak tijdelijk is
Veel vrouwen die bij mij komen hebben al veel gedaan om zich beter te voelen. Met aandacht, inzet en de oprechte wens om goed voor zichzelf te zorgen. Ze zijn naar de fysiotherapeut gegaan, hebben massages genomen, zijn gestart met yoga of coaching, hebben supplementen geprobeerd, rust genomen waar dat kon.
En bijna altijd vertellen ze hetzelfde verhaal: het helpt. Voor een tijdje. Totdat alles weer net zo hard terug komt. Wat doe ik fout? Wat gaat er mis?
Laat ik je dit vertellen: je doet niks verkeerd. Je luistert naar je lijf, maar de oplossingen die je biedt dempen de klacht, ze pakken het niet aan. Datgene dat je al doet verzacht, ondersteunt en geeft je weer even lucht. Maar verzachting is iets anders dan herstel.
Herstel vraagt dat we niet alleen kijken naar waar het pijn doet of vastzit, maar ook naar waarom het lichaam steeds opnieuw spanning opbouwt en vasthoudt.
Klachten staan niet op zichzelf
In mijn werk kijk ik op een andere manier naar wat je lijf je vertelt; niet als losse problemen die op zichzelf bestaan. En ook niet als iets wat ‘er nu eenmaal bij hoort’ of waar je maar mee moet leren leven.
Ik kijk naar het geheel: het lichaam en het zenuwstelsel, de ademhaling, de mate van belasting en herstel, en de manier waarop je je verhoudt tot jezelf en de wereld om je heen.
Ons lichaam reageert voortdurend op wat we meemaken. Op tempo, op verwachtingen, op verantwoordelijkheden, op het gevoel altijd beschikbaar te moeten zijn. Wanneer die spanning te weinig wordt afgebouwd, kan het lichaam signalen gaan geven. Niet om dwars te liggen, maar om te communiceren.
Dit alles zonder al te diep in te gaan op jouw verhaal, maar door jou weer te leren te verbinden met je lijf, met wie je diep vanbinnen bent en weer veiligheid te gaan ervaren in en met jezelf. Want dat is waar het om draait: veiligheid ervaren in jezelf. Veiligheid in je zenuwstelsel.
Want het zijn de patronen van onveiligheid die zich weerspiegelen in jouw klachten.
Patronen die het lichaam kan weerspiegelen
De patronen hieronder zijn geen diagnoses en geen hokjes waar je in hoeft te passen. Zie ze eerder als herkenningspunten, als voorbeelden van manieren waarop veel vrouwen zichzelf zijn gaan gedragen, vaak al vanaf jonge leeftijd.
Altijd je best doen
Misschien herken je dat je sterk afgestemd bent op je omgeving. Dat je aanvoelt wat er nodig is en probeert daaraan te voldoen, soms nog voordat iemand iets heeft gevraagd. Dat vraagt veel van je systeem, ook als je dat zelf niet altijd zo ervaart. Lichamelijk kan dat zich uiten in gespannen schouders, hoofdpijn, een knoop in de buik, onrustige darmen of vermoeid wakker worden.
Veel verantwoordelijkheid voelen
Misschien ben jij degene die vooruitdenkt, die overzicht houdt, die zorgt dat alles blijft lopen. Vaak draag je meer dan strikt genomen van jou is, en blijft je lichaam ondertussen in een staat van alertheid. Dat kan zich uiten in een hoge of oppervlakkige ademhaling, onrust op de borst, slecht slapen of het gevoel snel vol of overprikkeld te zijn.
Hoge eisen aan jezelf stellen
Wanneer de lat hoog ligt en er altijd iets is dat beter kan, wordt ontspanning iets voor later. Voor als alles af is, voor als het eindelijk ‘goed genoeg’ voelt. Lichamelijk kan dit zich laten zien in spanning in nek en kaken, hoofdpijn, moeite met diep ademen of een voortdurend vol en druk hoofd.
Veel dragen, weinig leunen
Misschien ben je betrouwbaar, degene op wie anderen kunnen bouwen. Je regelt, organiseert en vangt op. En terwijl jij blijft dragen, doet je lichaam dat met je mee. Dat kan zich uiten in lage rugklachten, spanning rond schouders en middenrif, aanhoudende vermoeidheid of een opgeblazen en trage buik.
Sterk zijn en doorgaan
Sterk zijn heeft je ver gebracht. Doorzetten, volhouden, het zelf doen wanneer dat nodig was. Maar wat ooit helpend was, kan op een gegeven moment ook veel gaan kosten. Dat kan zich uiten in druk op de borst, het vasthouden van de adem, migraine of uitgeput wakker worden.
De rol van het zenuwstelsel
Deze signalen ontstaan niet zomaar. Ze zijn een reactie van het zenuwstelsel op langdurige belasting en een gebrek aan ervaren veiligheid. Wanneer het lichaam lange tijd in een staat van alertheid verkeert, blijven spierspanning, ademhaling, hartslag en spijsvertering daarop afgestemd, ook als je rationeel weet dat er geen direct gevaar is. Daarom keren klachten vaak terug, zelfs wanneer je al veel hebt gedaan om ze te verlichten.
Wat helpt
Herstel start met rust, met vertragen, met voelen wie je bent en wat je nodig hebt. Het start met veiligheid vinden in je systeem. Pas als je deze veiligheid ervaart, vertrouwen herstelt en zachtheid, compassie en liefdevolle vriendelijkheid cultiveert voor alles dat je bent, kan je lichaam langzaamaan herstellen. Herstel begint niet bij oplossen, maar bij begrijpen. Bij het leren herkennen van wat jouw lichaam laat zien en wanneer. Het gaat om het bouwen van een intieme relatie met jezelf, met je adem en haar reacties op wat je denkt, doet, voelt en ervaart. Zowel in jezelf als in interactie met de wereld om je heen.
Dat vraagt vertraging, aandacht en ruimte. Het vraagt dat het zenuwstelsel stap voor stap meer veiligheid mag ervaren. Niet om ergens anders te komen, of om iets te veranderen of op te lossen, maar om hier te kunnen zijn, in het nu. Met alles wat je lichaam al die tijd al vertelt.

