“Ik heb helemaal geen stress.”
Dat hoor ik vaak. En terwijl je het zegt, zie ik iets anders: je ademhaling is hoog, oppervlakkig, soms bijna ingehouden. Je schouders zijn licht opgetrokken, je houding gespannen. Jij hebt het idee dat het wel meevalt, dat dit je ‘normale staat van zijn’ is, maar je lichaam vertelt een ander verhaal.
Vaak merken we pas hoe gespannen we zijn als het niet meer te negeren is. Als het lichaam steeds zachter, en soms harder, om aandacht vraagt. Of we merken het op het moment dat er eindelijk rust komt zoals een vakantie waarin je dan ineens ziek wordt. Klaag jij dan over je lichaam? Of probeert je lichaam jou iets duidelijk te maken?
Een voorbeeld:
Je zit achter je laptop, denkt dat je gewoon je werk doet, maar ondertussen
- zijn je schouders opgetrokken
- ontstaat er spanning in schouders en nek
- adem je oppervlakkig, snel en/of hoog in je borst
- voelt je buik gespannen
- draaien je gedachten rondjes
- ben je moe of draaierig
Je lichaam staat aan, in staat van paraatheid. Het is alert en laat dat merken met een snelle hartslag, hoge ademhaling, gespannen spieren, hoofdpijn of vermoeidheid.
Je lichaam laat zien wat er speelt
Het is verleidelijk om jezelf te vertellen: “Vanavond doe ik rustig aan” of “Straks bij die borrel kan ik ontspannen”. Misschien denk je dat het tijdelijk is, of dat het na die deadline beter wordt. Je hoofd maakt er een verhaal van dat logisch klinkt.
Maar ondertussen neemt je lichaam het voortouw. Het registreert subtiele signalen: je ademhaling die kort en oppervlakkig is, je middenrif dat nauwelijks beweegt, je buik die onrustig voelt, een lichte spanning in je schouders of nek. Soms voel je je duizelig, vermoeid of net niet helemaal aanwezig.
Dit betekent niet dat jij je werk niet aan kunt, dat je zwak bent of nog beter je best moet doen. Het is een zachte aanwijzing van je lichaam dat het aandacht nodig heeft. Jaren van aanpassen, doorgaan, sterk zijn en controleren laten hun sporen achter. Je lichaam is altijd een stap voor op je bewustzijn, en het helpt je te voelen wat je misschien nog niet kunt benoemen. Je lichaam laat zien wat er speelt in jouw zenuwstelsel, nog voordat je brein dit kan begrijpen.
Voelen vraagt moed
Aanwezig zijn in je lijf is niet altijd voor iedereen vanzelfsprekend. Echt voelen kan spannend zijn, omdat het je dichtbij brengt wat je meestal wegduwt: je angsten, je grenzen, je behoeften, je verlangen om los te laten en jezelf te laten bestaan.
Het is vaak makkelijker om door te gaan: een volle agenda, harder werken, meer koffie, een glaasje alcohol, scrollen… alles om de stilte niet te voelen, geconfronteerd te worden met je pijntjes, je gedachten te horen of je emoties te voelen. Maar juist in die stilte, in die aanwezigheid, ligt de ingang naar herstel, naar rust en uiteindelijk zelfs naar meer evenwicht en energie in je dag en je leven.
Luisteren naar je adem, deze observeren en leren kennen kan je heel veel brengen. Je adempatroon laat je namelijk zien waar de spanning zit, waar je jezelf inhoudt, waar je hard je best doet of controle probeert te houden. Je adem laat het je merken als je net wat te ver gaat, te lang doorwerkt, spanning voelt als je brein je dit nog niet heeft verteld, de adem laat je merken hoe de relatie is met je collega, of je je zorgen maakt of juist lekker in je vel zit. Het is een zachte, maar duidelijke gids en de meest intieme relatie met jezelf. Wanneer je volledig durft te ademen, te voelen en echt aanwezig te zijn in je lichaam, gebeurt er iets belangrijks:
- spanning komt los en beweegt
- patronen worden zichtbaar
- je voelt beter wat je nodig hebt
- je komt los uit de maalstroom van gedachten
- je voelt je weer thuis in jezelf
Het contact met je lichaam herstellen is niet makkelijk, het vraagt moed en doorzettingsvermogen. Leren voelen, luisteren en met liefdevolle vriendelijke aandacht aanwezig zijn bij wat er is, is de ingang naar herstel en veerkracht.


